Afweergeschut van ontkenning: Mijn kind doet zoiets niet

Afweergeschut van ontkenning: Mijn kind doet zoiets niet

Iedere leerkracht herkent het. Een kind heeft iets uitgehaald,en belt de ouders om daarover te spreken. De reactie is: „Dat kan ik me niet voorstellen, mijn kind doet zoiets niet.” Einde discussie.

Het is begrijpelijk dat ouders voor hun kind opkomen. Sterker, dat is hun geboden. Ze zijn aan hun zorgen toevertrouwd. Omdat kinderen kwetsbare schepselen zijn die nog niet goed voor zichzelf kunnen zorgen, is het ook nodig dat ze beschermd worden door hun ouders – ook tegen leugen en laster die soms over de jonge hoofden wordt uitgestort. Dat je als vader of moeder voor je zoon of dochter gaat staan, daar is niets mis mee. Alleen soms komen beeld en werkelijkheid niet overeen.Soms wel vaker dan men denkt!

Sommige kinderen zitten altijd in de hoek waar de klappen vallen. Dat kan zijn omdat ze niet weerbaar genoeg zijn en dus een favoriet mikpunt worden van plagerijen. Of ze vertonen afwijkend gedrag, waardoor ze binnen hun groep niet worden geaccepteerd. Het kan ook zijn dat ze ‘naam’ hebben gemaakt met het uithalen van kattenkwaad en dus per definitie verdachte zijn zodra er iets aan de hand is. Terwijl dat soms zeer onterecht is. Het is dus goed dat ouders alert zijn als hun kind weer eens in de prijzen valt.

Maar er is ook een andere kant. Sommige ouders houden hun kinderen altijd de hand boven het hoofd; ze duiken altijd in de ontkenning als ze worden geconfronteerd met fouten, kwaad of misstappen van hun zoon of dochter. Bij hen ligt voor in de mond: „Mijn kind doet zoiets niet.” Praten helpt dan niet en bewijzen overtuigen niet.

Hierbij gaat het vaak om ouders die hun kinderen als onaantastbare mensjes zien; die eigenlijk te goed zijn voor deze wereld – in ieder geval voor het publiek waarmee ze op school, op straat of in de kerk moeten verkeren. Veelal gaat het om verwende poppetjes die thuis met fluwelen handschoenen worden behandeld.

Soms gaat het echter ook om kinderen die niet direct verwend worden. Ze groeien tamelijk normaal in het gezin op. Desondanks willen of kunnen ouders niet geloven dat hun zoon of dochter werkelijk het kwaad heeft gedaan waarvan hij of zij wordt beticht. Ze schieten in de verdediging en ontkennen de feiten met alles wat in hen is. Sterker, ze zijn eigenlijk niet eens bereid naar argumenten en bewijzen te luisteren. Immers, hun kind doet zoiets niet! Dat is echt onmogelijk.

Het is natuurlijk een zalig idee om te denken dat jouw kind opgetrokken is uit engelenstof en de volmaaktheid zelve is. De werkelijkheid is dat een “echt” kind zomaar dingen doet die niet door de beugel kunnen… En daar leren ze van! Gister gaf ik zoonlief bij vertrek naar de supermarkt de opdracht de bovenverdieping te stofzuigen. Bij thuiskomst zag ik al snel dat hij dit niet gedaan had dus ik start de vraag met: “Heb jij al gestofzuigd?”. Het antwoord was “jaahhaa!” “Weet het zeker? Het ziet er namelijk niet naar uit en volgens mij sta je te liegen…” Na een stilte was het antwoord: “Ja mam, ik had er geen zin in en baal ervan van dat je dit gelijk ziet aan de vloer en aan mijn gezicht!” Waarop ik antwoord: “Snap ik en geen probleem, leer hiervan dat liegen je niks oplevert behalve dat je vaak nog meer moet liegen om het verhaal staande te houden”. En alsnog mocht hij de bovenverdieping stofzuigen!

Ik kan melden dat mijn drie kinderen mij zo af en toe met liefde voorliegen (of op zn minst een poging doen) soms komen ze er mee weg en soms ook niet. Dat is de leerschool van het opvoeden. Vallen en opstaan met normen en waarden en keer op keer afstemmen met elkaar wat is rieel en wat niet. En ja soms zijn de kinderen net engeltjes en soms draken, zo houden ze de boel in balans. Ik zeg altijd het zijn vaak net echte mensen!